Vijf vragen over Feedback Informed Treatment (FIT)

21 juli 2020

Qualizorg Outcome Manager is een hoogwaardig ROM-portaal om de kwaliteit en uitkomsten van je behandeling voor je inzichtelijk te maken.

Over Mark Bench

Suzan Oudejans en Masha Spits van Mark Bench helpen zorgorganisaties bij het verbeteren van uitkomsten. Ze zijn expert in Routine Outcome Monitoring (ROM) in de GGZ en de verslavingszorg.

In deze blog lees je 5 vragen Feedback Informed Treatment (FIT). Hiermee krijg je een goed beeld van de methode en krijg je concrete tips om zelf toe te passen. 

Vijf vragen over Feedback Informed Treatment (FIT)

Suzan Oudejans, Mark Bench

Met de Outcome Rating Scale (ORS) en de Session Rating Scale (SRS) geven cliënten aan de hand van een kruisjes op een aantal lijntjes van 10 centimeter hoe het met ze gaat en wat ze van de sessies vinden. Het systeem kan ingezet worden voor uiteenlopende doelgroepen en staat bekend onder verschillende afkortingen: PCOMS, CDOI en FIT, maar wat is het nu eigenlijk precies en waarom zou je het gebruiken?

1 Wat is FIT eigenlijk?

Begin deze eeuw ontwikkelden Miller en Duncan twee korte vragenlijsten om tijdens de behandeling behandeluitkomsten en de therapeutische alliantie te monitoren. Dit kwam tegemoet aan de behoefte om op gestructureerde wijze de inschatting van therapeuten over de voortgang van de behandeling te ondersteunen, én om dit op een snelle manier te doen.

FIT staat voor Feedback Informed Treatment, wat letterlijk betekent dat je een behandeling uitvoert en je daarbij door feedback laat informeren. De feedback - die elke sessie plaatsvindt -  is afkomstig van de cliënt en gaat over de therapeutische relatie en de uitkomsten van de behandeling. Daarmee krijgt de therapeut een diagnose van het behandelproces en kan deze gericht bijsturen en stagnatie in het therapeutisch proces op tijd kan herkennen. Andere termen voor deze aanpak die gebruikt worden is Partners for Change Outcome Management System (PCOMS) en Client Directed – Outcome Informed (CDOI): de feedback of het oordeel over de therapeutische relatie is door de cliënt bepaald (client-directed dus) en de term Outcome Informed de belangrijke component van de uitkomsten voor de bijsturing van de behandeling weer.

Bij FIT wordt gebruik gemaakt van twee korte vragenlijsten: de Session Rating Scale (SRS) en de Outcome Rating Scale (ORS). Met de SRS kan de cliënt met VAS schaaltjes (een lijntje van 10 centimeter) een oordeel geven over de sessie, op vier onderwerpen: de relatie, doelen en onderwerpen, aanpak of werkwijze en als laatste een algeheel oordeel. De ORS heeft ook vier VAS schaaltjes en vraagt naar het hoe het met iemand gaat op individueel, relationeel, en sociaal gebied. Met het vierde schaaltje wordt een algemeen oordeel gevraagd over hoe het met de cliënt gaat.

Het is de bedoeling dat de cliënt de ORS aan het begin van elke sessie invult, en de SRS aan het einde. De uitkomsten van de ORS worden tijdens de sessie besproken en die van de SRS direct na het invullen aan het einde van de sessie.

2 Waarom zou ik FIT willen inzetten?

Met FIT ondervang je de blinde vlekken die de klinische blik kan bevatten. Hulpverleners zijn soms te optimistisch over de effectiviteit van hun behandelingen, of zien behandeldrop-out niet aankomen. In een onderzoek uitgevoerd onder 129 psychotherapeuten bleek namelijk dat geen van hen zichzelf beoordeelde als ‘minder goed dan gemiddeld’. Ook schatten zij dat bijna 80% van hun eigen cliënten verbetering boekte en dat nog geen 5% achteruit ging (1). In de meeste gerandomiseerde onderzoeken knapt zo rond de 60% van de cliënten op, en dit percentage ligt in de dagelijkse praktijk flink lager. Daar knapt gemiddeld 35% van de cliënten op, en zo’n 8% gaat zelfs achteruit (2).  Nu kan het zo zijn dat de hierboven genoemde ondervraagde hulpverleners allen tot de top behoorden, maar zelfs dan lijkt hun inschatting nog te optimistisch: zelfs onder de cliënten van beste 10% van de therapeuten zijn er die achteruit gaan gedurende de behandeling (1). Hulpverleners leveren dus minder ‘genezen’ cliënt af dan ze denken, en het per sessie bijhouden hoe het veranderingsproces van de cliënt verloopt kan dit ondervangen.

3 Voor welke cliënten is FIT geschikt?

De ORS en de SRS zijn beschikbaar voor volwassenen, kinderen, ouders, echtparen, gezinnen en groepen. De ‘klassieke’ ORS en SRS zijn bedoeld voor volwassenen. Daarnaast zijn er versies voor kinderen (een kinderen tot 6 jaar oud en een voor tussen 6 en 13 jaar oud).

4 Hoe werkt FIT?

De ORS en de SRS kunnen zowel op papier als digitaal worden aangeboden. In de Qualiview Outcome Manager worden de resultaten uit de ORS- en SRS-vragenlijsten getoond volgens de richtlijnen van Scott Miller. Kies je voor papier, dan kun je de scores makkelijk uitrekenen door de markering op de VAS schaal (van 10cm) simpelweg met een liniaal op te meten. Digitaal is nog makkelijker: de cliënt kan de schuif op het VAS-schaaltje met de muis bedienen en de computer rekent de score uit. Op basis van die scores en de door FIT aangereikte grenswaarden kun je beslissen hoe je verder gaat met de behandeling.

Wil je beginnen met FIT? Wij –van Mark Bench- adviseren je dan om je niet alleen te verdiepen in het FIT systeem, maar ook aandacht te besteden aan de introductie van vragenlijsten en terugkoppelingen daarvan. Mark Bench verzorgt workshops en training, maar je kunt ook onze blogs over introduceren en terugkoppeling van uitkomsten lezen, of lees ons boek ‘Snel succes met ROM’. Het FIT systeem is beschikbaar in de software van Qualizorg, dat overigens nog een extra functionaliteit biedt: de –door het FIT systeem- berekende Expected Treatment Results (ETR): op basis van antwoorden op de ORS en SRS worden toekomstige uitkomsten in de toekomst geprojecteerd worden, waarmee je kunt zien of je cliënt op de goede weg is en waar deze uitkomt als je op de ingeslagen weg voortgaat.

5 Werkt FIT?

We kunnen wel voorzichtig zeggen van ‘ja’. FIT kan behandeluitkomsten verbeteren, zo wijzen verschillende onderzoeken uit. Ook kan het bijdragen aan het verminderen van het aantal sessies dat nodig is om een goed behandelresultaat te bereiken (3,4). Dat klinkt positief, maar gematigd optimisme is op zijn plaats. Een recente meta-analyse (5) vond voor het inzetten van FIT in de zwaardere psychiatrie tegenvallende resultaten op het gebied van klachtenvermindering , waarbij de onderzoekers erop wezen dat een dergelijk feedbacksysteem minder goed kan werken als er herhaaldelijk tegenvallende uitkomsten zijn, iets wat vaker het geval is bij cliënten met zwaardere klachten. Een Nederlands onderzoek in de acute psychiatrie  vond vergelijkbare resultaten (6), en ook in de jeugdpsychiatrie leidde het niet tot betere uitkomsten op klachtniveau (7). Een Nederlands onderzoek vond dat het vooral bij mensen met stemmingsklachten voor goede resultaten zorgde, dat wil zeggen betere uitkomsten in kortere tijd (8).

​Wat de meest constante bevinding is, is dat de inzet van FIT leidt tot efficiënter behandelingen: hetzelfde resultaat (en soms beter) wordt bereikt, maar dan in minder sessies en met minder behandeldropout. In een recent Nederlands onderzoek duurden de behandeltrajecten waarin hoogfrequente monitoring (d.w.z. elke sessie) met FIT plaatsvond gemiddeld 14 sessies, terwijl de trajecten waarin op lagere frequentie (elke 5 sessies) uitkomsten werden gemonitord circa 16 sessies duurden (9). Dat is heel goed nieuws: psychische klachten kunnen in minder tijd even goed verholpen worden. Dat is in de eerste plaats fijn en belangrijk voor cliënten, en geeft de ggz ruimte in een tijd waar behandelcapaciteit schaars is.

Bronnen:

  • Walfish S, McAlister B, O'Donnell P, Lambert MJ. An investigation of self-assessment bias in mental health providers. Psychol Rep. 2012;110(2):639-44.
  • Hansen NB, Lambert MJ, Forman EM. The psychotherapy dose-response effect and its implications for treatment delivery services. Clin Psychol-Sci Pr. 2002;9(3):329-43.
  • Lambert MJ, Whipple JL, Kleinstäuber M. Collecting and delivering progress feedback: A meta-analysis of routine outcome monitoring. Psychotherapy (Chic). 2018;55(4):520-37.
  • Shimokawa K, Lambert MJ, Smart DW. Enhancing Treatment Outcome of Patients at Risk of Treatment Failure: Meta-Analytic and Mega-Analytic Review of a Psychotherapy Quality Assurance System. 2010;78(3):298-311.
  • Østergård OK, Randa H, Hougaard E. The effect of using the Partners for Change Outcome Management System as feedback tool in psychotherapy-A systematic review and meta-analysis. Psychother Res. 2020;30(2):195-212.
  • van Oenen FJ, Schipper S, Van R, Schoevers R, Visch I, Peen J, et al. Efficacy of immediate patient feedback in emergency psychiatry: a randomized controlled trial in a crisis intervention & brief therapy team. BMC psychiatry. 2013;13:331.
  • de Jong RK, Snoek H, Staal WG, Klip H. The effect of patients' feedback on treatment outcome in a child and adolescent psychiatric sample: a randomized controlled trial. Eur Child Adolesc Psychiatry. 2019;28(6):819-34.
  • Janse PD, De Jong K, Van Dijk MK, Hutschemaekers GJM, Verbraak M. Improving the efficiency of cognitive-behavioural therapy by using formal client feedback. Psychother Res. 2017;27(5):525-38.
  • Janse PD, de Jong K, Veerkamp C, van Dijk MK, Hutschemaekers GJM, Verbraak M. The effect of feedback-informed cognitive behavioral therapy on treatment outcome: A randomized controlled trial. J Consult Clin Psychol. 2020.
Gerelateerde artikelen
GGZ: een goed gesprek met je cliënt over resultaten, hoe doe je dat?
Over Mark Bench

Suzan Oudejans en Masha Spits van 

Beter inzicht in resultaten bij behandeltraject met één of meerdere behandelaars

Het komt geregeld voor, een cliënt wordt door meerdere zorgverleners...